Afgelopen zaterdag 18 maart opende Heineken een tijdelijke bakkerij in Amsterdam op de Vijzelgracht. Op praktisch een steenworp afstand van de Heineken Experience (brouwerij). In deze Heineken Bakery wordt brood gebakken met het gist wat ook voor het brouwen van Heineken bier wordt gebruikt.
De reclame van Heineken had me best wel nieuwsgierig gemaakt, dus ik was een kijkje gaan nemen in de Heineken Bakery.
Het was een echt bakkersformaat (klein) zaakje met een lange toonbank waar een aantal dames broden in papier aan het wikkelen waren en ze afrekenden. Aan de korte kant stond een kortere werkbank waar twee bakkers bezig waren met het bakken van de broden. Ze mengden de ingredienten voor het deeg en haalden ook de broden uit de oven.
Wat me als eerste op viel was dat ze absoluut niet zuinig waren met het uitdelen van stukjes brood om te proeven. Er bleven maar planken overal op de tafels geschoven worden.
Een van deze bakkers was meesterboulanger Mark Plaating. Hij heeft ook het recept voor dit brood ontwikkeld. Of eigenlijk; hij had zelfs een stuk of 9 verschillende recepten gemaakt! Heineken had het recept uitgekozen waarvan het brood in de Bakery over de toonbank ging. Eigenlijk vond hij een van de andere recepten zelf het lekkerst, verklapte hij mij. In dat recept had hij gebruik gemaakt van paarse tarwe, wat een frisse smaak aan het brood geeft. Maar die smaak vond Heineken toch net wat te uitgesproken, en dus hadden ze voor een ander brood gekozen.
Toen ik vroeg of het Heineken A-gist hetzelfde werkte als gewone gist, vertelde Mark Plaating dat het er wel hetzelfde uitzag als gewone droge gist, maar dat het niet hetzelfde werkte. Hij heeft er best een tijd op zitten broeden over hoe hij het moest verwerken. Deze gist kan namelijk helemaal niet goed tegen warmte. Deze psychrofiele gist gaat al dood bij 30°C, en groeit het best bij een temperatuur van 10°C. "Die staat nu helemaal vol met broden die staan te rijzen, voor morgen", zei Mark terwijl hij naar een grote koelkast wees die achter hem stond. Het rijzen duurt ook minstens een dag, bij een lage temperatuur gaat het langzamer dan bij een hogere temperatuur.
Heineken bier had op diverse manieren een toepassing gekregen in het uiteindelijke recept. Uiteraard de A-gist rechtstreeks. Maar tevens was er ook 'poulish' gebruikt, dat is een soort papje gemaakt met deze A-gist. Daarnaast was nog grofgemalen tarwe die werd gebruikt, geweekt in Heineken bier. De tarwe werd daardoor wat 'zwaarder' van smaak. Wat fijner gemalen tarwe had hij in karnemelk geweekt, dat geeft dan weer een zuurdere, frissere smaak.
Wat Mark vooral de uitdaging had gevonden bij het ontwikkelen van het recept, was dat het een bijzonder brood moest zijn, maar aan de andere kant moest het wel een 'allemans'-brood zijn.
Naar eigen zeggen was Mark eigenlijk best kort bezig geweest om de uiteindelijke recepturen te verkrijgen; 2,5 week. Normaal gesproken is hij voor wedstrijden wel een jaar bezig.
"Toch heb ik er toch wel nachten over zitten denken", zegt Mark. Maar uiteindelijk is het gelukt om een bijzonder, maar toch 'normaal' brood te maken!
Het brood heeft een stevige korst, zit vol zaden, en het kruim is luchtig maar ook wat plakkerig. Het brood heeft een hele milde lichtfrisse smaak. De Heineken Broodbakkers raden het brood aan met een dipje van olijfolie, roomboter, of gewoon naturel uit de hand!
Als je ook wil proeven, moet je snel zijn! De Bakery is nog open t/m 21 maart 2017.
Posts tonen met het label Meesters. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Meesters. Alle posts tonen
zondag 19 maart 2017
maandag 12 december 2016
Sushi workshop
Een lange blogpost deze keer! Afgelopen weekend heb ik een sushi workshop gevolgd, hier heb ik een verslagje van gemaakt. Hoewel ik twee zussen heb die voor ruime tijd in Japan zijn geweest had ik nog nooit zelf sushi gemaakt...
Maar dat is niet de reden dat ik deze workshop bijwoonde! Kikkoman (van de sojasaus) had afgelopen najaar een receptenwedstrijd uitgeschreven. Als hoofdprijs kon je een reis voor 2 personen naar Japan winnen. 'Simpel en origineel', las ik in de beschrijving van de regels. En uiteraard moest Kikkoman sojasaus ook een ingredient in je recept zijn.
Het is niet moeilijk te raden dat ik ook een recept ging insturen voor deze wedstrijd. Eerdere receptenwedstrijden waar ik eens aan mee heb gedaan zijn de Hema taartwedstrijd en een wedstrijd van de AH met duurzame vis.
Ik was goed op dreef met het bedenken van recepten. Een stuk of 4 smakelijke recepten rolden uit de keuken. Maar.... Je mocht maar 1 recept per persoon insturen! Gelukkig heb ik lieve zussen met een lieve vriendin onder wiens naam ik ook een recept mocht insturen. :)
Ik maakte mooie foto's en stuurde alles ongeveer een kwartier voor de deadline van de wedstrijd in (ik kwam er net op tijd achter dat de deadline niet pas de volgende dag was, zoals ik oorspronkelijk dacht...).
Het wachten op de uitslag duurde lang. Een week of 2-3 later dan volgens de wedstrijd-omschrijving kwam het eerste mailtje binnen bij iemand. Helaas, dat recept was niet uitgekozen voor de finale.
Je kwam in de finaleronde als je bij de beste 5 recepten zat. Je kreeg dan de kans om in het Okura hotel in Amsterdam je recept te koken voor de chefs, die na kritisch proeven de winnaar van de wedstrijd zouden uitroepen.

Enkele dagen later kregen mijn zussen over de twee andere recepten ook te horen dat ze niet tot de besten behoorden. Als dank kregen zij allemaal wel een goodie-box thuisgestuurd.
Als laatste kreeg ik ook mijn mailtje van de Kikkoman binnen. "Helaas, je behoort niet tot de beste vijf recepten." Maar, mijn recept was wel goed genoeg dat ik een workshop mocht komen volgen in het Okura hotel onder leiding van sterrenchef Masanori Tomikawa van restaurant Yamazato (gevestigd in het Okura)!
De koks van de top 10 waren uitgenodigd voor deze sushi-workshop. Ik hoefde niet lang na te denken over het antwoord op de vraag of ik wilde komen of niet!
Een verslag van de finaleronde en het winnende recept wordt gepubliceerd in het decembernummer van Delicious Magazine. Ook staat het al op de website van Kikkoman.
Mijn recepten zal ik op mijn blog posten. Het recept waarmee ik deze workshop had gewonnen was een cocktail met sojasaus.
Voor de workshop verzamelden de deelnemers zich tussen half 11 en 11 uur 's ochtends in de wijnkelder van het Okura. Door de glazen deuren konden we al wat voorbereidingen zien die getroffen werden in de kookstudio van het Okura 'Taste of Okura'.
Een aantal mensen hadden al eens met elkaar kennisgemaakt tijdens de finale, dus daar hoorde ik ondertussen ook wat verhalen over.
Eerst kregen we een appetizer; een bordje met dubbelgebakken griet en zalm, en (volgens de chef:) "KFC!". Oftewel, balletje gefrituurde kip. Dit was kippendijfilet, ik denk niet dat ze dit stukje van de kip ook bij de KFC gebruiken... We kregen ook een glaasje pruimenwijn erbij geserveerd (maar deze heb ik niet opgedronken). Ondertussen vertelden twee mensen van de Kikkoman verhalen, onder andere over het maken van sushirijst, sake, bier en verschillen tussen Japan en Nederland. Chef de cuisine Louise O'Hare was ook tijdens de hele workshop aanwezig om mee te helpen en uitleg te geven.
Daarna kon de workshop beginnen. Handen wassen, schort om, en vervolgens de eerste uitleg van chef Tomikawa. De sushi die we zouden gaan maken waren nigiri, makisushi en california roll.
Als eerste de rijst. We hadden vlak daarvoor al iets gehoord over de bereiding van sushirijst. Nu hoorden we het nogmaals, met demonstratie, van de chef. Het grootste verschil met hoe Nederlanders rijst koken, hoorden we, is dat Nederlanders de rijst gewoon in de rijstkoker doen en aanzetten. Het gaat toch automatisch! Maar in Japan nemen ze er meer de tijd voor. De rijst die gebruikt werd was Kikkoman rijst, geteeld in Italie omdat daar de kortkorrelige rijst (net als risottorijst) goed groeit.
We mochten ook even proeven van de rijst, en ook de verse wasabi (heel fris en licht pittig).
Na de eerste demonstratie van vis snijden en sushi maken konden we zelf aan de slag. Voor iedereen was een werkplank, mes, pot sushirijst en een bordje vis klaargelegd. De vis waarmee we werkten was onder andere zalm, tonijn, makreel en Yellowtail. De vis was heel vers. "Deze zalm is van gisteren, gevangen in Schotland", vertelden ze.
Driekwart van de vis was al in plakjes gesneden, maar de zalm mochten we zelf nog doen, naar het voorbeeld van de chef.
Terwijl we bezig waren liepen chef Tomikawa, O'hare, en enkele andere behulpzame koks rond om tips te geven. "Good!" klonk chef Tomikawa ineens naast mij toen ik mijn halve bordje vis al kunstig had omgevormd tot nigiri sushi.
Als tweede maakten we makisushi (gerold). "Niet te veel de rijst pletten met je vingers, dat komt de smaak niet ten goede!" Je moest in ieder geval 6 sushi uit 1 velletje nori kunnen rollen. We rolden reepjes tonijn in de sushi. De kunst is om het stukje vis daadwerkelijk in het middenvan het rolletje te houden en zorgen dat het niet aan de rand belandt.
Toen bij iedereen 12 makisushi op het bordje erbij lagen, kwamen we aan bij de laatste sushi: de California roll. De minst favoriete sushi van de chef, "Er zit zo veel in dan zit je meteen vol! Amerikanen he..." Vaak wordt bij California rolls ook de hele buitenkant volgeplakt met sesam of oranje visseneitjes. "Maar dat is een beetje overdreven", aldus de chef, "dat doen wij dus niet."
De california rol is net als de maki gerold, maar dan binnenstebuiten. Er gaat niet 1 stukje vulling in, maar zowel snowkrab, komkommer als avocado. Behalve wasabi zit er ook Kewpie mayonaise in de roll. Met een keer rollen, kan je bij de California roll wel 8 sushi halen. Je mocht ze ook (fancy) schuin snijden, toen kreeg ik er zelfs 9 sushi uit :P.
Dat was de laatste sushi, mijn bak met rijst was ook helemaal leeg! Op het laatst had ik nog wat rijst moeten lenen van mijn buurman om de laatste california rolls af te maken.
Je mocht toen wat van je sushi op een bordje leggen om zelf op te eten. "De lelijkste eet je zelf op, de mooiste neem je mee naar huis om te laten zien.", tipte Louise O'Hare aan de deelnemers.
(Bij mij gingen echter eerst enkele van mijn mooiste sushi op een bordje voor de foto!)
Iedereen kreeg bij zijn bordje zelfgemaakte sushi ook een kommetje misosoep met blokjes tofu en mini-paddenstoeltjes. Ook kregen we een korte uitleg over het eten van sushi. "Meestal eten Japanners sushi gewoon met hun handen." vertelde Tomikawa. "Bij het eten van de miso soep houd je je stokjes horizontaal onder het kommetje, en geluid maken mag!"
De koks hadden zelf ook niet stilgezeten. Na de sushi kregen we allemaal een traytje met desserthapjes. Een groene thee-roll (die vooral smaakte naar de slagroomvulling), een groene thee-koekje, sesam-macaron, een soort Yuzu-meringue trifle (cake, witte chocoladebolletjes, Yuzu curd (citrusvrucht, smaak was vergelijkbaar met citroen) en meringue. En daarnaast nog een bolletje sesamijs (het ijs was superzacht en smooth, maar de sesamsmaak haalde ik er niet uit), en een sesamkoekje.

Na een afsluitend kopje thee kregen we allemaal een tasje mee met onze eigen overige sushi, mooi verpakt in doosjes. En een kleine goodiebag van de Kikkoman.
Thuis werd er bij ons 's avonds dus verse sushi gegeten. Ik had zelf voldoende voor ongeveer twee personen, dus er werd nog wat extra bij gehaald. "Bijna net echt!" aldus mijn vader. "Alsof haar sushi nep zijn!" protesteert mijn zusje.
Het smaakte in ieder geval prima! :)
Maar dat is niet de reden dat ik deze workshop bijwoonde! Kikkoman (van de sojasaus) had afgelopen najaar een receptenwedstrijd uitgeschreven. Als hoofdprijs kon je een reis voor 2 personen naar Japan winnen. 'Simpel en origineel', las ik in de beschrijving van de regels. En uiteraard moest Kikkoman sojasaus ook een ingredient in je recept zijn.
Het is niet moeilijk te raden dat ik ook een recept ging insturen voor deze wedstrijd. Eerdere receptenwedstrijden waar ik eens aan mee heb gedaan zijn de Hema taartwedstrijd en een wedstrijd van de AH met duurzame vis.
Ik was goed op dreef met het bedenken van recepten. Een stuk of 4 smakelijke recepten rolden uit de keuken. Maar.... Je mocht maar 1 recept per persoon insturen! Gelukkig heb ik lieve zussen met een lieve vriendin onder wiens naam ik ook een recept mocht insturen. :)
Ik maakte mooie foto's en stuurde alles ongeveer een kwartier voor de deadline van de wedstrijd in (ik kwam er net op tijd achter dat de deadline niet pas de volgende dag was, zoals ik oorspronkelijk dacht...).
Het wachten op de uitslag duurde lang. Een week of 2-3 later dan volgens de wedstrijd-omschrijving kwam het eerste mailtje binnen bij iemand. Helaas, dat recept was niet uitgekozen voor de finale.
Je kwam in de finaleronde als je bij de beste 5 recepten zat. Je kreeg dan de kans om in het Okura hotel in Amsterdam je recept te koken voor de chefs, die na kritisch proeven de winnaar van de wedstrijd zouden uitroepen.

Enkele dagen later kregen mijn zussen over de twee andere recepten ook te horen dat ze niet tot de besten behoorden. Als dank kregen zij allemaal wel een goodie-box thuisgestuurd.
Als laatste kreeg ik ook mijn mailtje van de Kikkoman binnen. "Helaas, je behoort niet tot de beste vijf recepten." Maar, mijn recept was wel goed genoeg dat ik een workshop mocht komen volgen in het Okura hotel onder leiding van sterrenchef Masanori Tomikawa van restaurant Yamazato (gevestigd in het Okura)!
De koks van de top 10 waren uitgenodigd voor deze sushi-workshop. Ik hoefde niet lang na te denken over het antwoord op de vraag of ik wilde komen of niet!
Een verslag van de finaleronde en het winnende recept wordt gepubliceerd in het decembernummer van Delicious Magazine. Ook staat het al op de website van Kikkoman.
Mijn recepten zal ik op mijn blog posten. Het recept waarmee ik deze workshop had gewonnen was een cocktail met sojasaus.
Een aantal mensen hadden al eens met elkaar kennisgemaakt tijdens de finale, dus daar hoorde ik ondertussen ook wat verhalen over.
Eerst kregen we een appetizer; een bordje met dubbelgebakken griet en zalm, en (volgens de chef:) "KFC!". Oftewel, balletje gefrituurde kip. Dit was kippendijfilet, ik denk niet dat ze dit stukje van de kip ook bij de KFC gebruiken... We kregen ook een glaasje pruimenwijn erbij geserveerd (maar deze heb ik niet opgedronken). Ondertussen vertelden twee mensen van de Kikkoman verhalen, onder andere over het maken van sushirijst, sake, bier en verschillen tussen Japan en Nederland. Chef de cuisine Louise O'Hare was ook tijdens de hele workshop aanwezig om mee te helpen en uitleg te geven.
Daarna kon de workshop beginnen. Handen wassen, schort om, en vervolgens de eerste uitleg van chef Tomikawa. De sushi die we zouden gaan maken waren nigiri, makisushi en california roll.Als eerste de rijst. We hadden vlak daarvoor al iets gehoord over de bereiding van sushirijst. Nu hoorden we het nogmaals, met demonstratie, van de chef. Het grootste verschil met hoe Nederlanders rijst koken, hoorden we, is dat Nederlanders de rijst gewoon in de rijstkoker doen en aanzetten. Het gaat toch automatisch! Maar in Japan nemen ze er meer de tijd voor. De rijst die gebruikt werd was Kikkoman rijst, geteeld in Italie omdat daar de kortkorrelige rijst (net als risottorijst) goed groeit.
We mochten ook even proeven van de rijst, en ook de verse wasabi (heel fris en licht pittig).
Na de eerste demonstratie van vis snijden en sushi maken konden we zelf aan de slag. Voor iedereen was een werkplank, mes, pot sushirijst en een bordje vis klaargelegd. De vis waarmee we werkten was onder andere zalm, tonijn, makreel en Yellowtail. De vis was heel vers. "Deze zalm is van gisteren, gevangen in Schotland", vertelden ze.
Driekwart van de vis was al in plakjes gesneden, maar de zalm mochten we zelf nog doen, naar het voorbeeld van de chef.
Terwijl we bezig waren liepen chef Tomikawa, O'hare, en enkele andere behulpzame koks rond om tips te geven. "Good!" klonk chef Tomikawa ineens naast mij toen ik mijn halve bordje vis al kunstig had omgevormd tot nigiri sushi.
Als tweede maakten we makisushi (gerold). "Niet te veel de rijst pletten met je vingers, dat komt de smaak niet ten goede!" Je moest in ieder geval 6 sushi uit 1 velletje nori kunnen rollen. We rolden reepjes tonijn in de sushi. De kunst is om het stukje vis daadwerkelijk in het middenvan het rolletje te houden en zorgen dat het niet aan de rand belandt.
Toen bij iedereen 12 makisushi op het bordje erbij lagen, kwamen we aan bij de laatste sushi: de California roll. De minst favoriete sushi van de chef, "Er zit zo veel in dan zit je meteen vol! Amerikanen he..." Vaak wordt bij California rolls ook de hele buitenkant volgeplakt met sesam of oranje visseneitjes. "Maar dat is een beetje overdreven", aldus de chef, "dat doen wij dus niet."
De california rol is net als de maki gerold, maar dan binnenstebuiten. Er gaat niet 1 stukje vulling in, maar zowel snowkrab, komkommer als avocado. Behalve wasabi zit er ook Kewpie mayonaise in de roll. Met een keer rollen, kan je bij de California roll wel 8 sushi halen. Je mocht ze ook (fancy) schuin snijden, toen kreeg ik er zelfs 9 sushi uit :P.
Dat was de laatste sushi, mijn bak met rijst was ook helemaal leeg! Op het laatst had ik nog wat rijst moeten lenen van mijn buurman om de laatste california rolls af te maken.
Je mocht toen wat van je sushi op een bordje leggen om zelf op te eten. "De lelijkste eet je zelf op, de mooiste neem je mee naar huis om te laten zien.", tipte Louise O'Hare aan de deelnemers.
(Bij mij gingen echter eerst enkele van mijn mooiste sushi op een bordje voor de foto!)
Iedereen kreeg bij zijn bordje zelfgemaakte sushi ook een kommetje misosoep met blokjes tofu en mini-paddenstoeltjes. Ook kregen we een korte uitleg over het eten van sushi. "Meestal eten Japanners sushi gewoon met hun handen." vertelde Tomikawa. "Bij het eten van de miso soep houd je je stokjes horizontaal onder het kommetje, en geluid maken mag!"De koks hadden zelf ook niet stilgezeten. Na de sushi kregen we allemaal een traytje met desserthapjes. Een groene thee-roll (die vooral smaakte naar de slagroomvulling), een groene thee-koekje, sesam-macaron, een soort Yuzu-meringue trifle (cake, witte chocoladebolletjes, Yuzu curd (citrusvrucht, smaak was vergelijkbaar met citroen) en meringue. En daarnaast nog een bolletje sesamijs (het ijs was superzacht en smooth, maar de sesamsmaak haalde ik er niet uit), en een sesamkoekje.

Na een afsluitend kopje thee kregen we allemaal een tasje mee met onze eigen overige sushi, mooi verpakt in doosjes. En een kleine goodiebag van de Kikkoman.
Thuis werd er bij ons 's avonds dus verse sushi gegeten. Ik had zelf voldoende voor ongeveer twee personen, dus er werd nog wat extra bij gehaald. "Bijna net echt!" aldus mijn vader. "Alsof haar sushi nep zijn!" protesteert mijn zusje.
Het smaakte in ieder geval prima! :)
zaterdag 24 mei 2014
Chocolade + water = mousse
Als je chocolade au bain marie opwarmt, NOOIT water erbij laten komen want dan gaat je chocolade klonteren en kun je alles weggooien. Toch?
Maar afgelopen weekend kwam ik iets heel anders tegen, en ik was toch wel zo nieuwsgierig dat ik het wel uit wilde proberen!
Misschien heb je de naam Heston Blumenthal wel eens gehoord. Vooral als je Masterchef Australia volgt heb je hem al vaker voorbij zien komen met zijn onmisbare tank stikstof!
Heston Blumenthal is een topchef op het gebied van moleculair koken. Vandaar dat hij voor dit recept, 'Chocolate Chantilly', zijn inspiratie haalt bij een Franse chemist genaamd Hervé This. Hij ontdekte dat als je chocolade in water smelt en vervolgens koelt terwijl je heel hard klopt met een garde, wèl een gladde substantie krijgt.
Als je kijkt naar de ingredienten van (pure) chocolade zie je dat er suiker, cacaomassa (cacaopoeder en cacaoboter), cacaoboter en emulgator in zit. (Bij melkchocolade ook nog melkpoeder, en witte chocolade bevat alleen geen cacaomassa.)
Emulgatoren zijn stoffen die gebruikt worden om, simpel gezegd, water en vette stoffen met elkaar te kunnen mengen. Vetten en water stoten elkaar van nature af. De emulgator plakt zichzelf rondom de vettige deeltjes en steekt een 'staartje' naar buiten dat wel met de waterdeeltje bindt.
Bij voedingsmiddelen wordt vaak de emulgator lecithine gebruikt, meestal is dat sojalecithine. Bijvoorbeeld in brood en gebak om het 'vochtig' te houden, of in smeerbare margarine.
Lecithine komt voor in de natuur, en de veelgebruikte sojalecithine wordt dus verkregen uit soja. Maar ook eidooiers bevatten veel lecithine.
Bij het maken van chocolade wordt lecithine gebruikt om te zorgen dat de chocolade een mooie homogene structuur krijgt. De lecithine gaat om de suiker- en cacaopoederdeeltjes (en evt ook melkpoeder-) zitten zodat ze goed binden met de cacaoboter. Dit verbeterd ook meteen de structuur en vloeibaarheid van de chocolade.
Maargoed, hoe kan dat dan met die chocolademousse?
De scheikundige theorie hierachter is dat je door het kloppen de waterdeeltjes (die normaalgesproken niet goed mengen met de vettige bestanddelen (cacaoboter) van de chocolade) heel klein maakt. De lecithine die aanwezig is uit de gesmolten chocolade, gaat om die waterdruppeltjes heenzitten waardoor je toch een stabiele consistentie krijgt.
Ik heb het natuurlijk uitgeprobeerd! Veel heb je niet nodig: chocolade, water, een pannetje, een kom op een bak ijs, en een garde natuurlijk.
Stop met kloppen als de chocolade de juiste consistentie heeft bereikt. Klop niet te lang door want dan wordt het korrelig. Als dat gebeurt verwarm je de chocolade opnieuw en volg je de stappen van de bereidingswijze nog een keer.
In deze video kan je Heston Blumenthal de mousse zien maken. Je kan hier ook goed zien naar welke dikte de chocolade ongeveer moet.
Je kan vervolgens ook gaan variëren door extra smaakjes toe te voegen. Maar zorg wel dat de verhouding vloeistof-chocolade hetzelfde blijft. Wil je bijvoorbeeld 2 eetlepels (ca. 30 ml) amaretto toevoegen voor een amaretto-chocolademousse, laat dan 30 ml water weg.
En laatste tip: Gebruik goede kwaliteit chocolade! Want die proef je ;).
Maar afgelopen weekend kwam ik iets heel anders tegen, en ik was toch wel zo nieuwsgierig dat ik het wel uit wilde proberen!
Misschien heb je de naam Heston Blumenthal wel eens gehoord. Vooral als je Masterchef Australia volgt heb je hem al vaker voorbij zien komen met zijn onmisbare tank stikstof!
Heston Blumenthal is een topchef op het gebied van moleculair koken. Vandaar dat hij voor dit recept, 'Chocolate Chantilly', zijn inspiratie haalt bij een Franse chemist genaamd Hervé This. Hij ontdekte dat als je chocolade in water smelt en vervolgens koelt terwijl je heel hard klopt met een garde, wèl een gladde substantie krijgt.
Als je kijkt naar de ingredienten van (pure) chocolade zie je dat er suiker, cacaomassa (cacaopoeder en cacaoboter), cacaoboter en emulgator in zit. (Bij melkchocolade ook nog melkpoeder, en witte chocolade bevat alleen geen cacaomassa.)
Emulgatoren zijn stoffen die gebruikt worden om, simpel gezegd, water en vette stoffen met elkaar te kunnen mengen. Vetten en water stoten elkaar van nature af. De emulgator plakt zichzelf rondom de vettige deeltjes en steekt een 'staartje' naar buiten dat wel met de waterdeeltje bindt.
Bij voedingsmiddelen wordt vaak de emulgator lecithine gebruikt, meestal is dat sojalecithine. Bijvoorbeeld in brood en gebak om het 'vochtig' te houden, of in smeerbare margarine.
Lecithine komt voor in de natuur, en de veelgebruikte sojalecithine wordt dus verkregen uit soja. Maar ook eidooiers bevatten veel lecithine.
Bij het maken van chocolade wordt lecithine gebruikt om te zorgen dat de chocolade een mooie homogene structuur krijgt. De lecithine gaat om de suiker- en cacaopoederdeeltjes (en evt ook melkpoeder-) zitten zodat ze goed binden met de cacaoboter. Dit verbeterd ook meteen de structuur en vloeibaarheid van de chocolade.
Maargoed, hoe kan dat dan met die chocolademousse?
De scheikundige theorie hierachter is dat je door het kloppen de waterdeeltjes (die normaalgesproken niet goed mengen met de vettige bestanddelen (cacaoboter) van de chocolade) heel klein maakt. De lecithine die aanwezig is uit de gesmolten chocolade, gaat om die waterdruppeltjes heenzitten waardoor je toch een stabiele consistentie krijgt.
Ik heb het natuurlijk uitgeprobeerd! Veel heb je niet nodig: chocolade, water, een pannetje, een kom op een bak ijs, en een garde natuurlijk.
Chocolademousse
(voor ca. 4 porties)
Ingrediënten:
- 350 gr chocolade
- 270 gr water
(Wil je iets minder maken? Gewoon bovenstaande hoeveelheden halveren!)
Bereidingswijze:
- Vul een schaal met ijsklontjes en zet hier een kom in.
- Hak de chocolade en doe dit samen met het water in een pannetje. Verwarm het rustig en roer met je garde.
- Als alle chocolade gesmolten is giet je het over in de kom op het ijs. Klop krachtig met je garde tot de chocolade de consistentie krijg van dikke/lobbige slagroom.
- Verdeel de chocolade over schaaltjes/glazen/kommetjes en zet in de koelkast om op te stijven.
Stop met kloppen als de chocolade de juiste consistentie heeft bereikt. Klop niet te lang door want dan wordt het korrelig. Als dat gebeurt verwarm je de chocolade opnieuw en volg je de stappen van de bereidingswijze nog een keer.
In deze video kan je Heston Blumenthal de mousse zien maken. Je kan hier ook goed zien naar welke dikte de chocolade ongeveer moet.
Je kan vervolgens ook gaan variëren door extra smaakjes toe te voegen. Maar zorg wel dat de verhouding vloeistof-chocolade hetzelfde blijft. Wil je bijvoorbeeld 2 eetlepels (ca. 30 ml) amaretto toevoegen voor een amaretto-chocolademousse, laat dan 30 ml water weg.
En laatste tip: Gebruik goede kwaliteit chocolade! Want die proef je ;).
Abonneren op:
Posts (Atom)



















